Leonie Poth
08/06/2025

Waarom je partner geen toevallige keuze is

08/06/2025

En, als liefde een herhaling wordt van wat ooit ontbrak

In de vele jaren dat ik koppels begeleid, zie ik telkens opnieuw hoe we in onze volwassen relaties vaak onbewust iets proberen te herstellen uit onze kindertijd.

We denken dat we kiezen voor een partner met wie we iets nieuws gaan opbouwen. Maar wat ik steeds weer tegenkom – ook in mijn eigen liefdesrelaties – is dat er op een dieper niveau iets ouds meespeelt.
Iets dat we nog niet afgemaakt hebben.
Een gemis dat we alsnog hopen te vervullen.
Een patroon dat zich herhaalt, vaak tegen onze wil in.

Vanuit mijn systemische blik zie ik hoe elk mens onderdeel is van een groter geheel: het familiesysteem waarin we zijn opgegroeid. Dat systeem beïnvloedt hoe we liefhebben, hoe we hechten, hoe we onszelf tonen – of juist verbergen. In dat systeem hebben we vaak strategieën ontwikkeld om ons veilig te voelen. En die strategieën nemen we, zonder dat we het willen, mee onze relaties in.

Soms betekent dat dat we te veel geven – en onszelf vergeten.
Soms trekken we ons terug – omdat nabijheid te spannend is.
Soms blijven we hopen dat de ander verandert – zoals we vroeger hoopten dat onze ouders ons wél zouden zien.

Ik herken het in mijn eigen leven ook. De neiging om sterk te zijn. Te begrijpen. Ruimte te geven. Terwijl ik eigenlijk gewoon verlang naar verbinding, naar echt gezien worden.

Maar die behoeften uitspreken, is spannend als je ooit hebt geleerd dat je daarmee te veel was. Of juist onzichtbaar.

In de praktijk zie ik hoe partners in elkaars pijn triggers worden, maar ook elkaars kans tot heling. Als we gaan herkennen:
“Dit ben ik niet nu, dit is een oud deel in mij dat zich herhaalt,”
ontstaat er iets nieuws.
Een bewustzijn dat opent.
Een liefde die vrijer mag stromen.

Daarom vertel ik je graag het verhaal van Eva en haar partner – een herkenbare dynamiek die ik vaak tegenkom. Een verhaal dat raakt aan iets diepers in ons allemaal: het verlangen om écht geliefd te zijn, precies zoals we zijn.




Altijd ruimte geven – en zelf leeg achterblijven

De onbewuste herhaling van een dochter met een afwezige vader

Haar naam is Eva.
Een krachtige vrouw, succesvol in haar werk, loyaal in haar relatie, moeder van twee kinderen. Als je haar zag, zou je zeggen: ze heeft het goed voor elkaar.

Toch zat ze vaak 's avonds alleen op de bank, terwijl haar partner uit was met vrienden.
En elke keer als hij weer laat thuiskwam, glimlachte ze begripvol.
“Je hebt je vrijheid nodig, ik snap het.”

Ze sprak de woorden uit zoals ze het vroeger haar moeder had horen doen – als haar vader weer eens laat thuiskwam van zijn werk. Als kind had ze dat nooit echt begrepen. Waarom werkte hij altijd? Waarom was hij er zo weinig? Waarom keek hij vaak langs haar heen, alsof hij iets groters moest dragen?

Thuis draaide alles om de onderneming van haar vader. En haar moeder droeg mee: in het huishouden, in het werk, in het zorgen. Eva leerde al vroeg: ruimte geven is liefde. Aanpassen is veilig. Niet te veel nodig hebben is sterk.

En dus werd ze een sterke vrouw.
Een die nooit te veel vroeg.
Een die alles begreep.
Zelfs als het pijn deed.

In haar relatie ging het precies zo. Ze gaf haar man ruimte, vrijheid, respect voor zijn behoefte aan avontuur. Terwijl haar diepste verlangen eigenlijk was: “Kom bij me. Zie me. Kies voor ons.”
Maar dat durfde ze niet te zeggen. Want als je vraagt, kun je ook worden afgewezen.
Dus zei ze het niet. Ze werkte hard, zorgde goed, hield alles draaiend.

Tot haar lijf begon te protesteren.
Vermoeidheid, spanning, het gevoel altijd ‘aan’ te staan.
Toen pas begon het besef langzaam in te dalen:
Ik ben mijn hele leven aan het zorgen voor een oude leegte.

Ze zag dat ze onbewust haar vader bleef najagen in haar partner.
En dat ze haar moeder nadeed in haar relatie.
Dat ze begrip toonde om te vermijden dat ze weer gekwetst zou worden.
En dat haar loyaliteit eigenlijk voortkwam uit het innerlijke meisje dat nog altijd hoopte:
“Als ik me maar genoeg aanpas, kiest hij vanzelf voor mij.”

Diep vanbinnen wist ze:
Dit is niet volwassen liefde.
Dit is een herhaling van een kind dat liefde probeert te verdienen.

Vanaf daar begon de weg terug. Niet naar haar jeugd, maar naar haar vrouw-zijn. Naar voelen wat ze nodig had. Naar ruimte maken voor haar waarheid. Naar heling van de pijn die nooit woorden kreeg.

Ze leerde zeggen:
“Ik verlang naar jouw aanwezigheid.”
Niet als eis, maar als expressie van haar hart.


Soms geven we ruimte uit angst om iemand te verliezen.
 Maar liefde vraagt niet om ruimte uit zelfopoffering.
 Liefde groeit in de bedding van waarheid, kwetsbaarheid en contact.



Hij wilde geen last zijn.

Hij groeide op in een gezin waar emoties weinig ruimte kregen. Zijn vader was streng en doelgericht. Alles draaide om presteren, doorgaan, niet zeuren. Als hij huilde, werd hij genegeerd. Als hij iets voelde, werd dat weggewuifd.
Zijn moeder was lief, maar ook onzichtbaar. Ze liep op eieren rond zijn vader, uit angst voor conflicten.
Hij leerde al jong: vrijheid is veilig. Hechting is onbetrouwbaar.
En dus trok hij zich terug in zijn eigen wereld – eerst als jongen op zijn kamer met muziek en fantasieën, later als man met vrienden, uitgaan, werk of hobby’s.
Dáár voelde hij zich vrij. Dáár voelde hij zich niet veroordeeld. Dáár hoefde hij even niet iemand te zijn die beschikbaar moest zijn.

En toen ontmoette hij Eva.
Een lieve, sterke vrouw. Begripvol, zorgzaam, zacht.
Hij voelde zich welkom bij haar, veilig zelfs. Maar ook... ongemakkelijk.
Want hoe dichter zij bij zijn binnenwereld kwam, hoe meer hij zich opgesloten voelde.
Niet omdat zij te veel was, maar omdat hij nooit geleerd had hoe nabijheid veilig kon zijn.

Haar verlangen naar verbinding raakte precies zijn oude pijn aan:
“Als ik te dichtbij kom, moet ik mezelf opgeven.”
“Als ik haar écht laat zien wie ik ben, zal ik falen.”
“Als ik me verbind, verlies ik mijn vrijheid.”

Dus ging hij ‘s avonds liever op pad. Niet uit ontrouw of disrespect, maar uit een oud overlevingspatroon. Een patroon dat zegt: afstand houden is veiliger dan intimiteit toelaten.


Zijn verhaal is niet minder pijnlijk dan het hare.
 Maar het raakt haar op een andere plek.
 Waar zij bang is verlaten te worden, is hij bang om opgeslokt te worden.
 Waar zij zich aanpast om liefde te verdienen, trekt hij zich terug om zichzelf niet te verliezen.



Deze dynamiek speelt zich vaak af tussen partners, zonder dat ze het van elkaar weten.
Totdat iemand durft te zeggen: “Dit ben ik. Dit is mijn oude pijn. Dit is wat ik nodig heb.”

Dán kan er iets veranderen.
Niet omdat de ander zich aanpast,
maar omdat er eindelijk waarheid tussen hen kan stromen.